07-01-18

UPDATES

Januari  :  C.A.I.M.   deel I

Februari :    Het leenhof MUESEGHEM te Yette      deel 7                                           

20:47 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

Archief van de gemeenschap Meuzegem

HIER raadpleging inventaris van het papieren Archief van Meuzegem (MS excel-format).

Zowel het digitaal als papieren archief is raadpleegbaar via aanvraag email : willempy@skynet.be

 

 

20:47 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

DE VESTIARIJEN ...... te Nyewerpoorten (1)

DE ABDIJ VAN DILIGHEM

De abdij van Dilighem verschijnt ten tonele wanneer zij als voogd van onze kerk optreedt in 1112.
Voorheen was onze kerk in handen van de Heren van Mösenghem, die uit hun domeinen te Meuzegem en Wolvertem een deel van de opbrengst van de gronden ter beschikking stelden. 10% (=  de tiende) van de opbrengst kwam ten goede aan de kerk, de priester en de armentafel.
Na 1112 veranderde er niet veel. De tiende bleef in volle eigendom van de kerk, pastoor en armentafel tot en met de Franse Revolutie.
De voogd, de abdij van Dilighem, kreeg een curtis en servi (lees (OLV) hoeve en werkers) en een mansus land en weide.
De abdij stelde deels haar goederen via erfpachtregeling  ter beschikking en trad op als hypothecair geldschieter. 


de " VESTIARIJEN "

"Tselve Clooster van Dielegem over her peeter segers haudt noch te leene tot behoeff van vestereijen al daer ......"

vesterijen 02.jpgDielegem had een half dagwand beemd in erfpacht van Pitsenburg voor hulp aan hun "vestiarijen".
Het beemd werd in erfpacht overgenomen door de abdij na de dood van onze pastoor Petrus Seghers op 12.03.1464.
Het is logisch dat dit half dagwand in de buurt ligt van "de vestiarijen" .
Op " de vestiarijen " is geen enkele cijns getaxeerd en deze staan evenmin ingekaderd op de tiendenkaart van de abdij dd 1747.

Deze " vestiarij " is een kleine hoeve waar "de snijere " (lees kleermaker ) de kledij van de abdij maakt en verzorgt. De abdij heeft de neiging om sommige inkomsten en cijnzen een naam te geven en de verworven geldsommen of goederen te verbinden aan een van hun instellingen binnen de abdij. De cijns afkomstig van enkele landerijen op Neerpoortenveld en Imdekouter is expliciet verschuldigd aan "de snijere van Dilighem "  en gaat rechtstreeks naar de uitbating van deze hoeve.

 

DE LIGGING

Kaart van der Maelen dd 1835.      Het half dagwand beemd  (WIT ingekleurd ) behoort tot het Pitsemburgs blok van de " Rocx hoeve".
De regenoten van dit beemd zijn : "suyd de Prins , noord de straete, west hunselfs"
Met "hunselfs" wordt verwezen naar de abdij zelf.
Dit zijn " de vestiarijen"  (ROOD in gekleurd) ; het beemd paalt met twee zijden aan de straat en omsluit geheel een stuk land (GROEN ingekleurd) dat behoort bij de goederen van het " Hof te Nyewerpoorten " . De linkerzijde van "de vesterijen" wordt geflankeerd met een nieuwe toegangsweg (ZWART ingekleurd) naar de beemden, "het beemptgat".  Doorheen het perceel loopt de Logenbeek (BLAUW ingekleurd)

Kopie van vestiarijen 01.JPG

 

ARCHIEF
Het archief van de abdij van Dilighem verdween of werd vernietigd  tijdens en na de Franse revolutie.
De abdij werd als nationaal goed verkocht. De gebouwen, het prelaathuis uitgezonderd  werden  afgebroken , de inboedel doorverkocht.
De abdij had nochtans een refugehuis in Brussel om bepaalde goederen in veiligheid  te brengen.
Toch heeft men enkele documenten via veilinghuizen kunnen recupereren : het dodenboek, het baten- en lasten boek, renteboeken uit 1360 en 1560, extracten van brieven verzameld in 1624, de staat van de onroerende goederen einde 18e eeuw en de tiendekaarten van 1747.
We hebben de brieven uit 1624 doorgenomen en geprobeerd een reconstructie te maken van de Dilighemse erfpachthoeven in Meuzegem.

 

DE PACHTERS op "de vestiarijen "        

 

1501 - 1561   Joannes van Mol  °cc 1470

 IMG_0935.jpg

 

 

IMG_0936.jpg

 

 

 

 

 

"Item den Brieff ghequoteer Num(mer) 13 met twee ijdele uijthangende segels de dato 1501 beschrijft hoe dat Rolandus Sanders heeft uytgegeven voor eenen termijn van 60 jaeren, aen Joan van Mol een hoffstadt, groot een bunder, gelegen te Nieuwpoorte onder Meusegem, op den chijs van 2 Croonen ende 4 stuy(vers) : elcke Croon tot 24 Stuy(vers) ende vier cappuynen."

Het blok , in zijn geheel ( 1 bunder of 4 dagwand ), verpacht voor 60 jaar aan Joannes van Mol voor 2 kronen en 4 stuyvers en 4 cappuynen .  Elke kroon is 24 stuyvers waard.

Het middenblok (groen gearceerd) behoort tot het Hof van Neerpoorten. Een van de kinderen van Joannes is (waarschijnlijk) gehuwd met Barbara de Vos , die in 1546 eigenares werd van dit "Hof te Nyewerpoorten "  

 

20:46 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

DE VESTIARIJEN ..... te Nyewerpoorten (2)

1561 - 1717      ?

Geen documenten beschikbaar voor deze periode.

 

1717  - 1741 ?      Nicolaes de Boeck  °Imde 26.09.1671      +? cc 1740

Volgens het kaartboek van Wolvertem worden de gronden gepacht door  Nicolaes de Boeck.
Waarschijnlijk gaat het hier over Nicolaes , zoon van meisenier Joannes Baptist en Joanna van Humbeeck.
Hij pacht eveneens  het ingesloten blok land dat toebehoort aan Egidius van Obbergen , eigenaar van het Hof te Nyewerpoorten.
Verder pacht Nicolaes nog enkele bunders land en weide van de abdij van Dilighem waaronder ook het goed van de voormalige Rocxhoeve.
 

IMG_1385.jpg

 

 

 

 

 

 

 

 

"Dilegem Oost de Beke, west de strate aen twee zeijden, noort den Prins La Tour et Tassis en Engel de Boeck, Gillis van Obbergen aen twee seijden, groot een bunder 60 roeden "

We weten intussen dat het kaartboek van Wolvertem heel wat ontbrekende elementen en zelfs foutieve vermeldingen bevat. Zo is de werkelijke oppervlakte van dit goed :  1 bunder en 10 roeden.  De resterende 50 roeden behoren toe aan regenoot Pitsenburg waarvan Engel(bertus) de Boeck , broer van Nicolaes, die de erfpacht heeft. (zie ook "de Rocxhoeve")

In het kaartboek wordt geen melding gemaakt van een hoeve of hofstede. Waarschijnlijk is deze reeds lang verdwenen.

 

1741 ?  - 1782    Robertus de Boeck  °Imde 30.12.1705   +Wolvertem 08.04.1782 gehuwd in Wolvertem 22.04.1727 met Maria van Schel °? cc 1704  +Wolvertem 09.07.1784

We denken dat Nicolaes de Boeck ongehuwd overleden is te Imde rond 1740/1741.
Volgens de regels van de erfpacht hebben familieleden de eerste voorkeur het goed over te nemen, wat naar alle waarschijnlijkheid ook gebeurd is.
Robertus de Boeck ,  zoon van Engelbertus (+Imde 19.02.1733) neemt van zijn overleden oom de erfpacht over.

Op een zeer mooie gedetailleerde kaart uit 1781 vinden we de" vestiarijen"  deels terug. 

IMG_0995.jpg

 


 

1782 - 1796      Joannes Baptist de Boeck  °Wolvertem 04.02.1737

Na de dood van Robertus in 1782 gaat de erfpacht vermoedelijk naar zijn zoon Joannes. 
Wij vinden hem terug op de goederenlijst van de abdij.
In 1789 heeft hij voor 6 jaar  2 stukken in erfpacht:  2 dagwand en 62 roeden land en 1 dagwand en 63 roede weide, tezamen 1 bunder en 25 roeden. 
IMG_5482.jpg

In de boeken bestemd voor de verkoop van de nationale goederen , wordt dit goed , 1 bunder en 25 roeden land en weide na 1795 vrijgegeven door de familie de Boeck ; er is geen vernieuwing van de "bail" meer in 1796.

IMG_5449.jpg

 

 

 

 

1796 - 1805     Ordre national de la Legion  d' Honneur
Het goed wordt door de Commisie van het departement van de Dijle toegewezen aan het Legioen van Eer ; de belangrijkste onderscheiding in Frankrijk die de eminente verdiensten beloont.
Met de opbrengst uit deze goederen werd de soldij betaald aan de Ridders / Officieren / Grootofficieren / Commandeurs / Grootkruisen van de Orde.
Bewerker : Petrus Pelicaen   ° Wolvertem 17.06.1771 , zoon van een vondeling uit Brussel, gehuwd in Meuzegem op 15.11.1793 met Anna Maria de Mey  °Meuzegem 04.10.1769. 
Zij waren de eerste bewoners op het "Nieuwoortenveldeken".
De echtgenote van Petrus, Anna Maria de Mey was de dochter van meisenier en schepen van Wolvertem , Laurentius de Mey die een hoeve had recht tegenover de "vestiarijen". (zie ook "de Rocxhoeve)
Op 28.07.1800 wordt het goed aangeboden voor verkoop. Het is in bail uitgegeven aan Petrus tot 1806.( ‘t jaer 15)
 Dil 03 29T A8.JPG

 

 

 

 

 

 

 

 

Register180Aff482-2Dielegem (2).jpg

 

 

Het goed wordt op 24.07.1802 door de Commissie van het Departement Dijle nogmaals aangeduid voor verkoop en wordt geregistreerd op 09.09.1802.

Het is in twee gelijke delen gesplitst en behoort tot de goederen van "La Legion d'Honneur" .
De rest van het stuk , ongeveer 1 dagwand blijkt in eigendom te zijn van Joannes Franciscus Roelands.


  

 

 

 

 

 

 

16:59 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

DE VESTIARIJEN ....... te Nyewerpoorten (3)

De verdeling van het blok volgens de regenoten ziet er in 1802 als volgt uit :
1 = goederen die behoren tot het "Hof te Nyewerpoorten "  en in eigendom van kapitein O' Kelly burgemeester van Sint Joost ten Noode. (zie ook "de Rocxhoeve ").    Deze weide wordt bewerkt door Petrus de Boeck.   Er loopt een toegangswegje naar perceel 2 en 3 met een brugje over de Logenbeek (blauw).   Het hele blok is omringt door een sloot.
2 =  linkerdeel van het blok , bewerkt door Petrus Pelicaen .  Dit perceel bevat de toegangsweg naar de verder gelegen weiden en beemden over de Hoelbeek en Molenbeek.
3 =   rechterdeel van het blok , bewerkt door Petrus Pelicaen.  Dit perceel grenst niet aan de Molenbeek maar met twee zijden aan nr 4. 
4 =  dit deel van de weide blijkt reeds verkocht te zijn en is in eigendom van Joannes Roelands (schoonzoon van Laurentius de Mey , wonende schuin tegenover het perceel)

 

Kopie (2) van vestiarijen 01.JPG 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1805  -   ?     Andreas Stephanus Josephus O'Kelly  °Brussel 03.05.1755   +Brussel 27.08.1815 (zie ook "de Rocxhoeve ") 

o kelly 1805.jpg

Op 17.08.1805 worden perceel 2 en 3 , ter grootte van 3 dagwanden of 2x 150 roeden , toegewezen aan O'Kelly.o Kelly 1805 b.jpg

 

 


Geen gegevens over de pachter van de percelen.

 

 

1836   -   ?     Theresia Fleury   °Brussel cc1765    + Brussel 26.06.1851

1836.JPGHet blok bestaat nu uit drie percelen weiland. 

Uit de kadasterkaart van Philip van der Maelen dd 1836 halen we volgende gegevens:

Nrs. 40 , 41 en 42 zijn in eigendom van de weduwe O'Kelly , Theresia Fleury
Nr 39 heeft de weduwe A.C. de Decker uit Brussel als eigenaar. 
Naar alle waarschijnlijkheid werden de weiden verpacht aan de lokale landbouwers.


 

 

 

 

 

 

 

1859   - 1876     Augustus Ludovicus Josephus Boets °?
en Ridder  Egidius Franciscus Maria Ghislanus Pangaert d'Opdorp, burgemeester van Wolvertem °Brussel 12.01.1823  +Brussel 12.09.1903 gehuwd in 1849 met Maria Octavia de Roovere de Roosemeersch Zype °Brussel 17.11.1827 +Brussel 10.09.1854. Hij huwde een tweede maal in Brasschaat op 07.07.1857met Gravin Leontine de Baillet °Antwerpen 08.04.1821 +Brussel 18.04.1902
Uit de kadasterkaart van Christiaen Popp vinden we volgende gegevens :
Perceel nrs. 40 , 41 en 42 heeft de weduwe of de erfgenamen van kapitein O' Kelly verkocht aan Augustus Boets , een rentenier uit Sint Joost ten Noode.

IMG_1771.jpg 

Perceel nr 39 werd aangekocht door de zoon van Francois Pangaert die na de dood van zijn vader op 21.03.1857 eigenaar werd van het domein van Imde en het halfafgewerkte neoklassieke kasteel van zijn vader voltooide. 


Alle percelen zijn aangeduid als hooiland. 

 

 

 

 

 

 

 

 

1876 - 1894    Hendrik Goethals
Hij kocht het hele domein van Egied Pangaert


 

1894 - 1919    Jonkheer, advocaat en senator  Edmond Marie Joseph Ferdinand Charles Ghislain Goethals °Gent 13.03.1854 +Imde 02.11.1919 gehuwd in Evergem 27.08.1878 met Louise Marie Barbe Antoinnette Ghislaine de Bay °Gent 25.02.1856 +Imde 19.04.1931
Hij wordt de nieuwe eigenaar van perceel 39 en vermoedelijk ook van de drie andere percelen doordat hij de levensverzekering van zijn neef Hendrik kocht voor een jaarlijkse rente van 36.000 frank. Hij werd daardoor de nieuwe Heer van Imde .


 

1919 - 1932   erfgenamen Edmand Goethals
Pas in 1932 na de dood  Louise Marie de Bay  wordt de erfenis verdeeld.


 

1932 - 1974     Jonkheer  Joseph Marie George Paul Barbe Antoine Ghislain Goethals °Gent 10.11.1885 +Elsene 24.03.1974 gehuwd in Wandsworth Londen op 18.09.1918 met Germaine Leonie Victorine Marie Gendebien °Elsene 11.12.1889 +Elsene 10.11.1964


 

1974  - heden     Kinderen en erfgenamen Goethals
Tot op heden wordt het gehele blok  en de naastliggende percelen nr 291 tot 294  in eigendom gehouden door de kinderen en erfgenamen van Jozef Goethals , waaronder Pieter Jan  Goethals
Het gehele blok aan de straatzijde is aangeplant met populieren.  
 

IMG_5756.jpg

                                                                          *       *       *

16:58 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

10-08-17

promofilmke laureaat cultuurprijs


 

00:17 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

03-07-17

DE HEREN VAN MOSENGHEM DEEL 2 A

Het geslacht "van der Tommen "

" Milites de Tumba " , zo werden de eerste Heren genoemd die de motte-burcht beheerden.
Het toponiem spreekt voor zichzelf , Tomme/Tumba/Tumulus = heuvel.Tomme.jpg

 

 

Volgens Historicus Lindemans werden er op deze heuvel vaatwerk en beenderen gevonden die thuis horen in de 7e eeuw.ter tommen.jpg

 

 

 

Later werd het woongedeelte verlaten en hebben de eigenaars een nieuw onderkomen gezocht enkele honderden meters ten westen van de heuvel , het kasteel van der Tommen.

 

 


Toen een deel van het geslacht zich afsplitste en zich vestigde zich op de een van de " grintbergen ", er een kerk en een abdij stichtte , verkregen de Heren van der Tommen de titel van " Borchgraeve" en " Castelanus ".    Zij stonden garant voor de bewaking van de motte-burcht.
De Heren van der Tommen en de Heren van Grimbergen komen uit eenzelfde geslacht.
Dit wordt bevestigd door de gegevens uit de erfdeling van °1132 " Laatstleden nu, na den dood van Gualterus, hebben zijn erfgenamen, Geraard en Arnuf, die niet konden gedoogen de verlatenheid der kerk, waar de gebeenten rustten van hun vader en moeder en ....." en van °1197, toen de Heren van Grimbergen een veto stelden om het oud patrimonium van hun voorvaderen , de Sint-Salvator kerk , de motteheuvel en een veld gelegen naast de Heienbeek te vrijwaren.

 

200 jaar stilte voor een 73-jaar durende storm.
brabantgouw.png°870 ........laten we beginnen met de status van de Grimbergse Odelardus : landgraaf, ook vernoemd als markgraaf.
Het land van Grimbergen vormde net als het land van Asse, Aalst, Dendermonde en Bornem het
" Lantgraefschap Bracbantia " , een bonte verzameling van kleine landen ten oosten van de Schelde.
Het landgraafschap Brabant maakt op zijn beurt deel uit van de Brabantgouw , samen met het Graafschap Brussel , Graafschap Ename en het Graafschap Henegouwen.
De Brabantgouw was een onderdeel van het Hertogdom Lotharingen , welk een rijksleen was van de Duitse Keizer....... kan je nog volgen ?
Dan volgt de leegloop van de Brabantgouw ......
°947 .... het graafschap Leuven wordt opgericht door Reynier Langhals, graaf van Henegouwen ; voorheen maakte Leuven deel uit van het huis van Henegouwen.
°977 ..... het Hertogdom Lotharingen wordt opgesplitst ....... het wordt nu Neder-Lotharingen .....
°1005 het graafschap Brussel wordt via een huwelijk opgeslorpt door de graven van Leuven
°1025 , °1056 en ° 1059 .......opsplitsing graafschap Ename
°1044/45/56 .... het land van Dendermonde gaat naar het Graafschap Vlaanderen .... in °1059 volgt het land van Aalst en het land van Bornem
°1085 ...... paltsgraaf Herman II , oprichter van de Abdij van Affligem , sterft .......
Het restant van het landgraafschap Brabant wordt toegewezen aan de graven van Leuven.
Blijkbaar zonder het land van Grimbergen ; zij vallen rechtstreeks onder de bevoegdheid van de Hertog van Neder-Lotharingen.

 

Meuzegem en de nieuwe keizer Hendrik V.
Op Pinksteren, 13 mei 1106 zijn veel vooraanstaanden aanwezig voor de viering in de imposante dom van Worms. Ook de jonge graaf van Leuven, Godfried, is in de kerk.   Ze zijn er op uitnodiging van de kersverse Roomse koning Hendrik V, de gekozen maar niet gekroonde keizer van het Duitse rijk.
Hij had zijn vader Hendrik IV tot troonsafstand gedwongen en hem gevangen gezet.
Vader was echter kunnen ontsnappen en beiden hengelen nu naar nieuwe bondgenoten.
Hoewel Odo van Doornik, bisschop van Kamerijk , geen sympathisant was van beide keizers, stuurde hij het Bisdom Kamerijk naar een onafhankelijke richting.

Toen hij waagde de lekeninvestituur te bekritiseren , verbande Keizer Hendrik V hem in 1110 als monnik naar de abdij van Anchin.
Omdat hij nooit zijn staf en ring uit handen van de keizer had ontvangen, was hij niet officieel benoemd en zijn de oorkonden die hij opmaakte tussen 1110 en 1013 niet rechtsgeldig.

1112 a.JPG

 

 

Niet alleen de oprichting van de Grimbergse abdij met Augustijnse leefregel viel in deze periode , maar ook de oorkonde van onze kerk " Mosenchem " , dd 23.09.1112 .

 

 

 

1145 a.JPG

 

 

 

Gelukkig worden 33 jaar later, in  °1145 de gedane handelingen uit  °1112 nogmaals bevestigd
door Nicolaes I van Chievres.

 

 

 

 

 

 

 

 

 


De Grimbergse oorlog van °1106 tot °1179
waltherus de Grimbergen.JPGHendrik I van Limburg en Hertog van Neder-Lotharingen , bondgenoot van Waltherus de Grimbergen en trouwe vazal van keizer Hendrik IV , bood onderdak aan de afgezette keizer.
Uiteindelijk werd Hendrik I van Limburg afgezet en op 13 mei 1106 werd Godfried van Leuven benoemd tot nieuwe hertog van Neder-Lotharingen en markgraaf van Antwerpen.
Eerder al was Godfried, als altijd uit op gebiedsuitbreiding, in conflict gekomen met de Limburgse hertog en de prins-bisschop van Luik, beiden aanhangers van de afgezette keizer.

Na de meer dan 100 jaar durende machtswellust van de graven van Leuven was er in Brabant nog 1 plaats waar ze hun gezag niet konden doen gelden , het land van Grimbergen.
In °1085 kreeg Paltsgraaf Hendrik III , uit het huis van Leuven, het landgraafschap Brabant rechtstreeks in leen van de Duitse keizer , zodat het niet meer behoorde tot het Hertogdom Lotharingen ...... tot in °1106 ....... wanneer Godfried II uit het huis van Leuven eveneens de titel van Hertog van Lotharingen verkreeg.
Het land van Grimbergen was daar vermoedelijk niet bij.    Dat vernemen we later uit het gesprek tussen Arnoldus van Oijenbrugghe en Keizer Barbarosse :" .... hoe Grimberghen vroeger onder Lothrike stand, maer nu sedert lange jaren als eigen wordt bestiert ....."

Bij het afleggen van manschap aan Godfried II als nieuwe Hertog van Lotharingen weigerden de Heren van Grimbergen en was deze weigering de aanloop naar een lange oorlog.
Intussen is Margareta van Grimbergen, kleindochter van Waltherus Drakenbaard , rond °1138 gehuwd met Waltherus Berthout , Heer van Mechelen en voogd van de Prinsen van Luik.

De spanningen lopen op .... tot °1159 .........Wouter Berthout (in naam van zijn schoonvader) : " .... dat zyne voorouders sinds meer dan twee hondert jaren hun goed en hielden van geene Heere, ten zy van God , die boven allen is ..... dat zij rechtstreekse vazallen waren van Lotharingen, maar niet van Leuven ......"    Deze boute uitspraak verwijst expliciet naar het verleden , naar de vroegere " Principes de Grintbergh " , naar landgraaf Odelardus.

oorlog.jpg

De hertog diende klacht in bij keizer Frederik I , alias Barbarossa en die kwam persoonlijk bemiddelen in Affligem.

Helaas schrijft de overwinnaar de geschiedenis en zijn de bombastische verhalen en heldendaden over de beruchte Grimbergse oorlog sterk overdreven.
Het verhaal eindigt bruusk met de brand van de Grimbergse motte.

De waarheid is anders ..... de strijdbijl werd pas begraven in °1179 wanneer Gerard II van Grimbergen en Wouter Berthout het huwelijkscontract tekenen van Hertog Hendrik I en Mathilda van Boulogne .

Het kleine domein , met inbegrip van de voorouderlijke burcht, werd een vrijheid met een eigen schepenbank.

De erfdeling van het patrimonium gebeurde pas in °1197.

De familiale goederen werden opgedeeld tussen de takken Grimbergen en Mechelen.

 

 

8-0.jpg

Het "Manseniersschap " , een oud feodaalsysteem om vazallen te binden aan de Grimbergse leenheer bleef bestaan.
Hun eigen rechtsstructuur wordt getolereerd binnen de rechtsstructuur van het hertogdom Brabant ........ meiseniers mogen enkel gevonnist worden voor de Drossaard van Grimbergen ......zij hebben vrije doorgang en betalen geen tol doorheen heel het Hertogdom Brabant ...... zij zijn vrijgesteld van de dode hand ...... vrijstelling van karweien ..... etc.

Merkwaardig.   Zoiets kan alleen mits goedkeuring van een hogere landvoogd , nl de Ottoonse Keizer.

00:27 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

20-06-17

DE HEREN VAN MOSENGHEM DEEL 3

GENERATIE  3

Henricus de Musenghem °cc 1200 +na 1226
zoon ? of mogelijk broer ? van Impinus de Musenghem.

Volgens historici Verbesselt en Wauters is "..... Hendrik de villa Impinus ...." de Heer van Meuzegem.

 1226 bis.JPG

 

Henricus is leenman van Walterus en Egidius van Zottegem, en treedt op als getuige bij de verkoop van 17 bunders land aan de abdij van Groot Bijgaarden.

 

 

 

 

 

 

 

N de Mosenghem ° cc 1210 +na 1246   gehuwd met Aleydis N
N de Mosenghem ° cc 1210 +na 1246   gehuwd met Beatrix N

1226 deel 5.JPG

 

Oorspronkelijke oorkonde op perkament uit januari 1246 van de abdij van Grimbergen
Twee uithangende zegels in rood was aan een dubbele perkamenten staart door enkele spleet.

 zegel.JPG

 Zegel van Wouter van Zottegem "R. + SIGE..RI.DE : SOTHENG'." ( Sigillum Walteri de : Sotthengem ) + schild met leeuw waarover schuinbalk.

 

1246 deel 2.JPG

 

 

Zegel van Hendrik van Leefdeel , meier van de Hertog van Brabant
: "R:+S. HENRICI...VILLICI VLTRA CE..AM" (lees Sigillum Henrici de Levedale Villici ultra Cennam"

 

 

 

 

Wouter van Zottegem, ridder, Heer van Wolvertem en zijn vrouw Mabila, samen met Hendrik van Leefdale, meier van de Hertog van Brabant in Overzenne, melden dat zij 14 bunders land onder Wolvertem verkocht hebben aan de abdij van Grimbergen.
Deze 14 bunders werden voorheen in leen gehouden door de gebroeders van Mosenghem, uit het Theutoons huis. " ......de quatuor decim bonneriis fratrum domus theutonicorum de mosenghem pro quatuor solidis et quatuor denariis ..... ". 

Kopie van 1226 deel 10.JPG

Zij blijven deze goederen (in leen) behouden voor 4 schellingen en 4 denieren , maar zij worden ontlast van de verplichting om de boeren, die deze gronden bewerken, een onderdak te geven.    Dit betekent dat heren van Meuzegem deze landerijen zelf laten bewerken door hun eigen " servi " en/of  " cossaeten " .
" .....Item sciendum quod omnes predicti censuarii mansiones eorum tenent seu tenebunt, predictis fratribus de Mosenghem, Johanne Parvo et Henrico Regis exceptis....."

 

 

Ordo fratum hospitalis sanctae Mariae Theutoricorum Ierosolimitanorum

 wapen teutoons.jpgKopie van 009 .JPG

 

 

 

 

 

 

 


Het geslacht " de Mosenghem " duikt een eerste maal op in verband met de Duitse ridderorde.
Deze orde, de jongste van de drie grote ridderorden, naast de Tempeliers en de Johannieters (Orde van Malta) dankt ook haar ontstaan aan de kruistochten.
Het eigenlijke ontstaan van de orde gaat terug tot het beleg van Akko, midden °1190 , toen burgers uit Bremen en Lübeck een veldhospitaal oprichtten voor de Duitsers die deelnamen aan de 3e kruistocht onder leiding van onze landvoogd, de Ottoonse keizer Frederick Barbarossa.
In datzelfde jaar verdronk de keizer en nam zijn zoon Frederick van Schwaben dit veldhospitaal onder zijn bescherming en droeg de leiding ervan op aan zijn kapelaan Conradius , die het hospitaal omvormde tot een gasthuisorde met als grondslag de regel van de Johanietters, beter bekend onder de naam " orde van Malta ".


Zegel Berthout.jpgzegel a.JPGEgidius Berthout , heer van Mechelen , treedt in 1234 op als "frater et procurator domus Theutonicorum in Brabantia ".
Aangezien het hier over de kapel van Nekkerspoel gaat, mogen we aannemen dat dit de zetel van de ridderorde in Brabant was. 

Pas op 28 oktober 1269 is er sprake van een vestiging te Mechelen onder "Jacob, commendator van de broeders van het Duitse Huis te Mechelen " en wordt de zetel van de Landcommanderij overgebracht naar het Hof van Betsemborg alias " Pitsemburg ".  De orde zegelt haar brieven met het zelfde wapen als de abdij van Dilighem ; een pelikaan die zijn voedsel opbraakt om drie jongen te voederen.   

 

GENERATIE 4
Balduinus de Mosenghem ° cc 1240 +na 1287 zoon van N van Mosenghem en Aleydis N
" Propheet " (priester/pastoor) te Meuzegem . Volgens J. Verbesselt zou deze uit het Hof te Meuzegem komen. Hij schonk goederen aan het Kapittel van Sint Rombout te Mechelen.

Arnoldus de Mosenghem ° cc 1260 +na 1295 zoon van N van Mosenghem en Beatrix N.

Christianus de Mosenghem ° cc 1260 +na 1295 zoon van N van Mosenghem en Beatrix N.

Walterus de Mosenghem ° cc 1250 + na 1295 zoon van N van Mosenghem en Beatrix N.

Vermoedelijk de oudste zoon en rechthebbende op de goederen van het huis van Meuzegem.
Wouter verkoopt in 1295 alle landerijen en het " Hof te Mosenghem " aan de Duitse ridderorde van Pitsemburg.
Naar alle waarschijnlijkheid was het domein te klein om zich aan te passen aan de nieuwe landeconomie van de 13e eeuw.
Zij verarmden en zagen zich geleidelijk verplicht zich te ontdoen van hun bezittingen. Dit verkavelingsproces was al gestart begin 13e eeuw. Wellicht hebben ze hun goederen te Jette ook van de hand gedaan.
De nazaten vinden we terug in Mechelen.

 

Kopie van IMG_1373.jpg

 

Oorspronkelijke oorkonde op perkament, met uithangende zegel in groene was, van de schepenen van Wolvertem, met een dubbele perkamenten staart. zegel van 40 mm " +S' SCBINORVM. DE. WOLVERTHEM ", lopende wolf , naar rechts gewend, met lam in de muil.

Vermeld op de achterzijde. " Dese lettere hout dat wi ghecreghen ieghen Wouteren vorBeatrisen zone van Mosenghem siin huis ende hof te Mosenghem, Datum anno Domini M°.CC°.XCIIII° op den Meydach. "

 

 

 

De landerijen van het hof van Meuzegem worden bewerkt door Jan van der Zingt, Gijsbrecht van Ophem en Jan Coppens.  Zij zullen de landerijen blijven bewerken en er zelf borg voor staan.   Ook Wouter de Baerdemaeker stelt zich borg  en samen zullen zij Jan van der Zingt schadeloos en kommerloos houden.   Naar alle waarschijnlijkheid is Jan van der zingt de " besetsman " op de Hoeve van Meuzegem.
De borg van de hoeve neemt Wouter van Mosenghem (en zijn ongehuwde kinderen) voor zijn rekening , in naam van zijn broeders Christiaan en Arnold.

" Dat si cont alle den ghenen die dese lettre selen sien ochte horen lesen dat Woutre Verbiatricen zone van Mosenghem heft vercocht den heren van Dijtschen Hus sijn hus ende hof in alle dien datd gheleghen es te Mosenghem om twintech pont ende vire tseense quite. Hijr toe soe heft de vorghenoemde Woutre gheloeft den heren gnoech te doene van alle stucken ende van allen ghebreke beide van heme zelven ende van de ongheiarde kinderen dire hiertoe gheboortig zijn. Waer oec dat sake dats Woutre niet ne dade soe heft gheloeft Arnout sijn bruder ende Kerstiaen sijn bruder den vorghenoemden heren gnoech te doene met alle der vorwarden datd Woutre vore gheloeft heft. Ghevijlt oec alsoe dats Woutre, no Arnout, no Kerstiaen vorghenoemt sijn niet tne daden, soe heft gheloeft Jan van der Zingt ende Ghisebrecht van Ophem tser Ians zone, ende Jan Coppens zone van Imde, den heren gnoech te doene met alle der vorwarden datd de vorghenoemde Woutre ende Arnout ende Kerstiaen vore gheloeft hebben. Vort soe heft gheloeft Woutre ende Arnout ende Kerstiaen ende Ghisebrecht ende Jan Coppens zone vorghenoemd sijn ende Woutre Debartmacre den vorghenoemden Janne van der Zingt hijr af scadeloes te houdene ende commerloes. Ende vort soe heft de vorghenoemde Woutre Verbiatricen zone ale dese andre borghen die hijr vor ghenoemt sijn gheloeft scadeloes te houdene ende te quitenen.
Om dit vast ende ghestadech tsine ende want de late die wisers sijn van den goede neghenen zeghel en hadden soe quamen beide de vorghenoemde partien vor de schepenen van Wolverthem ende baden hen dat si haren ghemeinen zeghel hijr ane hinghen. Dese lettre was ghemaect in den iare Ons Heren doe men screef Dyncarnatioen. Dusentech. Twe hondert. neghentech. Ende vive. Op Sinte Philips dach ende Sinte Jacobs ende Sint Woutborghen irsten dach van meie. "

Kopie van IMG_1374.jpg

  

 


GENERATIE  5

N de Mosenghem ° cc 1280  + na 1295 kind van Walterus de Mosenghem
N de Mosenghem ° cc 1280  + na 1295 kind van Walterus de Mosenghem


1295 a.JPGCfr : acte 1295 " .... van de ongheiarden kindren dire toe ghebortech zijn ....."
Indien we dat juist interpreteren moet Wouter minstens twee ongehuwde kinderen hebben.
We zullen deze tak terug vinden in Mechelen.

 


GENERATIE 6

Martinus van Moseghem  °cc 1340    + na 1410
Maarten wordt vermeld als vader van Wouter, poorter van Asse.
Volgens de hertogelijke cijnsboeken van Overzenne nr 44910, dd °1410 . " .....Wout mertens sone van moseghem te huseghem gheleghen ......xxv s ....."

 wouter 1410 huseghem.JPG

 

 

 

 

 

GENERATIE 7

huseghem.JPGWalterus de Moseghem ° cc1370 +na 1410
Zoon van Martinus.

 

Huizegem is een klein gehucht te Asse, op de grens met Walfergem, Bollebeek en Kobbegem.

Het domein bezit een " Hof van Huseghem " welke toebehoorde in °1260 en °1269 aan Balduinus en Henricus de Husenghem.

 

 

 

 

TAK MECHELEN


GENERATIE 6
Joannes van Moeseghem ° cc 1320 +na 1376

Poorter te Mechelen.
Leenman en getuige voor Pitsemburg.
Joannes is in °1370 hoofdgetuige bij een enorme overdracht van goederen van Domicella Margaretha de Faukemont alias van Henegouw aan de Commanderij van Pitsemburg : "....Johanne de Moseghem , opidanis Machliniensibus, testibus ad premissa vocatis specialiter et rogatis..... "

Hij bezat goederen te Mechelen, waaronder een huis op de Korenmarkt.
Schepenbrief van Mechelen dd 20.07.1376 .
" ..... Margareta de Winter, echtgenote van Henricus Scoef verkoopt aan de Heilige Geesttafels van de zeven parochies van Mechelen en aan de godshuizen, al haar recht op 10 pond erfelijke rente op de huizen van Jan van Moeseghem en Rumoldus de Baerdemaekere, gelegen op de Korenmarkt te Mechelen...."

 


GENERATIE 7
Joannes van Moeseghem ° cc1350    +voor 1415   X Elisabeth de Block

Schepenen van Mechelen oorkonden dat Jan van Moerseke erkent een cijnsgulden rente te hebben op een half bunders land gelegen in de Overstestraat op de hoek van de Ganzendries.  Hij heeft dit gekocht voor 5 zilveren en 5 gouden guldens van Elisabeth Blox, die de erfelijke rente verkreeg.
"..... Promittens predictus Johannes de Moerseke prenominate Elisabeth de premissis contra quoscumque juri et justicie parere volentes sub quatuor caponibus quinque libris pagamenti , hereditarii census et tribus firtellis siliginis ad vitam Johannis de Moeseghem ex dicto integro bonario necnon quinque florenis aureis et quinque denariis ......."

 

GENERATIE Mechelen ?
In de Mechelse kerkregisters zijn volgende geslachtsnamen terug te vinden : van Moescom -van Muscom - (van) Miscom - (van) Mosecom - van Moesecom - van Moesecum - (van) Moesekom - Mosegum.

 

 

TAK ?

Henricus van Mueseghem °1480 +na 1524
Wordt meermaals vermeld in de kerkrekeningen van Merchtem dd. 1524. 

Hendrick 1524 aj.JPG

 

" ghegeven H(eer) Henrick va(n) mueseghem....vanden boeke die leeste reeste ...... X s, ? VI ? "

 

Hij ontvangt driemaal een bedrag, tweemaal uit handen van Martinus Breem, de Kerkmeester, voor het geleverde werk en een derde maal voor voorgedrukte boeken met ranglijsten.
Zijn aanspreektitel " H(eer) " moet als religieus bestempeld worden.

Hendrick 1524 b.JPG

 

"ghegeven H(eer) Henrick van mueseghem dat merten breem gaf ...........XX s,"
"ghegeven noch den selven ......XX s , XV d "

 

 

 

NAAMGENOTEN

Judocus van Museghem °cc 1435
Glasblazer te Brugge.
De naam van dit geslacht is afgeleid van het gehucht Mussem, een bijna verdwenen plaatsje in West-Ecques, Frankrijk.
Het boek van de gilde der glasblazers in Brugge vermeldt : Judocus van Museghem kreeg een opleiding glasblazen bij Meester Wilhelmus Lombaert in maart 1464 en was " vynder " in 1466.

Joannes van Mussegem °cc 1463 +na 1524
Waarschijnlijk zoon van Judocus.
Eveneens glasblazer in Brugge. Ook van Mussegem geschreven : van Museghem, van Musegheem, van Mussem, van Mussegem.  " Verrier, etranger, admis a la maitrise en 1483 "
Leidde zelf verschillende leerlingen op , Jacques en Copkin van Haveynis, Henri van den Winter, Pierre Dierics, Nicolas de Povere.
Was " vinder " in 1489, 1490, 1504, 1516, 1519. Was "doyen " (deken van de gilde) in 1500, 1506 en 1509.
"Item int jaer van grasie dust vyf honderte de xxje dach van marte, so es gheordyneert en ghesloten by de Deckin, Jan van Museghem ende al zyn heedt, Joos Smet, Adryan Brant, Dyrich Wethof, Robert Bonllet, Adryan vander Brugghe, Loys de Backere, Jan Hodoelf, Jacop Spronc, Pieter Cazinbroot, beede gouverneurs, en voort ale ghemende gheselscap vanden ambochte, dat van nu voordan niet hoorlooft en wort dat de verlecteres zul mout ......"

22:14 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

16-06-17

DE HEREN VAN MOSENGHEM DEEL 2 B

Meuzegem en de Grimbergse oorlog.

In de Grimbergse verhalen is geen spoor te bekennen van Heren van Meuzegem, Wolvertem , Merchtem , Brussegem, Ossel en Steenhuffel ; noch de inmenging van de Burggraven van Brussel en het huis van der Aa.
Dat is vreemd en stemt tot nadenken.
Hielden ze zich afzijdig en waren ze geen betrokken partij?
Of was de streek ontvolkt zoals de "monnik van Affligem in zijn Auctarium Affligemense " beschreef :" ....... landbouwers werden beroofd van hun hoven en goederen .....armoe, ellende, brandstichting en doodslag waren de oorzaak dat de velden braak bleven liggen........°1151 ....moordpartijen en branden langs beide zijden van de Zenne tot in Brussel toe .....quia filiis pacis pax precipue et concord necessaria est desideria mihi est omnibus ecclesiis sub mea ditione constitutis prout ualeo pacis huis uirtutem impertiri ut in turribus quoque nostris earum orationibus pax et abundantia salus atque uictoria possitoriri ....."

Nochtans zijn onze machtsdragers aanwezig.
In °1140 , in het midden van de strijd , wordt het vrouwenklooster van Nieuwenrode opgericht en in °1155 wordt de kerk van Wolvertem onder de voogdij van Diligem geplaatst.
In °1156 zocht een verarmd Dilighem steun in de abdij van Drongen , omdat het Bisdom Kamerijk aandrong op een overname door Affligem.

 


De Heren van Meuzegem en hun motte-burcht.


014.jpg

De toponymie van Meuzegem verwijst naar talrijke borgt-namen : " ...... Borgtvelt , Borgtweyde , Borchbeke , Borghbosch , Borgmeers, Borgveldstraet ......"

Deze motte-burcht was allodiaal goed van de Heren van Meuzegem.

De percelen waarop de voormalige constructie stond , maakten deel uit van de verkoop van " het Hof te Mosenghem " in °1294 aan Pitsemburg.

De exacte ligging van het opperhof en het neerhof is nog precies te achterhalen.

Kopie van IMG_1375.jpg

 

 

 

 

Het " borgtveld " zoals het is beschreven in het landboek van Mottaer °1714 .

IMG_1375.jpg

 

 

 

Heel merkwaardig is de inplanting van de burcht.

Niet naast een beek , een weide of bos, nee , midden op de beste cultuurgrond van het domein.

Een burcht zonder wallen ? zonder water ?

 

 

 

drainage.jpg

 

 

Bij een geologisch onderzoek vonden we op de plaatselijke " GIS-bodemkaart " een drassig perceel terug.
Dit perceel draagt weliswaar het toponiem " droge weide " maar is na het verval van het bolwerk opgehoogd met aarde afkomstig van de terpheuvel.

 

 

 

 

 

024.JPG

 

 

Het water van de wallen kwam uit het nabij gelegen " Meuzeghemvelt ".

Op diezelfde bodemkaart is de eeuwenlange erosie weergegeven als een gele strook. Hier ontbreekt het zand op de zandleembodem.

 

 

 

 

Kopie van meuzegem 3.JPG

 

 

Niet alleen de ligging van de motte-burcht is merkwaardig , ook de functie van het gebouw is afwijkend.

De heren van Meuzegem hadden reeds hun motte , nl. het Hof te Meuzegem.

Op de kaart van Villeret dd °1745 zijn nog duidelijk de wallen waar te nemen.


Een van die wallen is reeds dichtgemaakt om het hof verder uit te breiden.

 

 

 

 


Kopie van neerpoorten 1.JPG

 

De motte-burcht van Meuzegem functioneerde als vluchtburcht.
Zij was centraal gelegen en bood bescherming voor beide gemeenschappen , zowel voor Meuzegem als voor Imde.

Even hogerop lag nog een andere gemeenschappelijke plaats, " de Lazarije ".
Hier werden eeuwen lang de pestdoden begraven.

 

In welk tijdvak mogen we dit bolwerk plaatsen ?
Indien we de vakliteratuur van de Meulemeester erbij halen, dan blijken de meeste ringwalburchten opgericht rond 1050 : " De opkomst van dit type versterking hangt nauw samen met de behoefte om de vaak nieuw verworven status te etaleren en macht ten toon te spreiden."

 

Weliswaar is de Grimbergse oorlog een duidelijk motief om de oprichting van zo'n motte te rechtvaardigen.
Helaas is de toponymie van de motte-burcht verspreid en ligt "de borgtweyde " aan de overzijde van de " Hoelbeke " in Wolvertem. Zulke littekens komen uit een vroegere stadium wanneer de plaatselijke heren beschikken over een groter domein dan Meuzegem.

Naar de grootte van het bouwwerk is het gissen , eveneens naar de leeftijdsduur.
Ik vermoed dat onze burcht maar een kleine 100 jaar heeft bestaan.
Het was geen stenen bouwwerk maar een houten constructie.
Trouwens, de stenen zouden we gedurende eeuwen wel gevonden hebben op nabije velden.


007.jpgD
e makers ervan bouwden een houten toren, namen grond en wierpen het tegen de toren aan, zo hoefde je geen energie te verspillen om extra funderingen aan te maken .

Het water kwam van het hoger gelegen "Meusegemvelt " en vloeide via de wallen naar de " Hoelbeek ".


Telkens wanneer het hout wegteerde , werd het bouwproces herhaald ....... elke 25 jaar ........ tot het eenmaal stopt ............

 

 

 

 

 IMG_0280.jpg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

TAK MEUZEGEM

GENERATIE 1

Libertus van Mosenghem  °? cc 1140  +na 1198

Hij verkoopt rond °1198 aan de abdij van Grimbergen, 1/3 bunder land , eigen goed , voor 30 s(chellingen)

IMG_1402.jpgDit perceel vinden we terug in het landboek van Wolvertem dd 1715-1717 , onderverdeling Nieuwpoortenvelt-Impde nr 87


IMG_1374.jpg

 

 

 

 

Het perceel is gelegen op het " Nieuwerpoortenvelt " onder Imde.
Het is perfect 1/3 bunder , wat overeenstemt met de grootte van 0.i.33 of 1 dagwand en 33 roeden.

Blauw volle lijn = Neerpoortenstraat
blauw stippellijn = ingang beemden
rood = het verkocht perceel

 

 

 

 

 

 

 

GENERATIE 2
Impinus de Musenghem °? cc 1170 + 1226
Leenman van Hendrik I , hertog van Brabant. 


1226 a.JPG

 

 

 

 

Gekopieerde oorkonde dd °1599 , abdij van Affligem.

  

   

 

 

1226 b.jpg

 

" Musengem littera henrici ducis lotharingia continentes quod feudum, quod ab ipso tenebat Im... de Musengem reportanit in manus suad, quod dux contulit ecclesia afflogeniensi libera possidendum actum anno M.cc.vi "
"Henricus Dei gratia dux
Lotharingiae, omnibus ad quos praesens scriptum pervenrit , salutem. Ad notitiam omnium volumus pervenire, quod feodum, quod tenuit de nobis Im ... de Musenghem in manus nostras reportavit ad opus Ecclesiae Haffligeniensis. Et nos judicio hominum nostrorum, idem feodum pro remedio anime nostrae, eidem Ecclesiae colere, et possidere contulimus liberè, et absolute. Datum anno Domini millesimo ducentesimo vigesimo sexto, mensio Maio " 

Meestal worden na de dood van de vazal de pachtgronden weer in leen gegeven, ofwel door sterfkoop aan de familie , ofwel door wandelkoop aan andere leenmannen.
Na het overlijden van ".....Im(pinus de Mùsenghem ...." geeft de hertog zijn leen in pacht aan de abdij van Affligem.
Zijn zoon ? of broer ? , Henricus de Musenghem wordt datzelfde jaar nogmaals vermeld als Henricus uit het huis van Impinus.

 

01:39 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

05-06-17

DE HEREN VAN MOSENGHEM DEEL 1

Wie zijn ze ? ........ en vanwaar komen ze ?
Het is wachten tot het einde van de 12e eeuw.  Pas dan weten we perfect wie de plak zwaait in Meuzegem , wie de hogere gezagdragers zijn en tot welke entiteit ons dorp behoort.

 

Grimbergen ....... als rode draad doorheen Meuzegem!

Kopie van IMG_8787.jpg

 

Laten we even de plaatselijke " costuymen °1682 " van nabij bekijken.
Met uitzondering van Vilvoorde , een hertogelijke enclave waarin de rechtbanken het " recht van Loven " volgden , evenals de Heerlijkheid Merchtem (binnen de stadspoorten) , verwijzen alle andere rechtbanken naar het oud Ukkels en Brussels recht.
Een Grimbergs recht is er ook , maar niet onder die vorm, dat leggen we later wel uit.

 

 

 

Toch zijn er markante aanwijzingen dat onze leefgemeenschap in de vroege Middeleeuwen bestuurd werd door de Grimbergse geslachten. Deze geslachten zochten huwbare partners tot ver buiten de parochiale en territoriale grenzen.   Dit waren heel normale en zelfs noodgedwongen handelingen om het eigen patrimonium te behouden.
Zelfs op het doorschuiven van erfgoederen kleeft een vast patroon : terwijl de " bonis patrea " (= de vaderlijke goederen) gegeven worden aan de oudste erfopvolger , worden de verworven " bonis maternis " met de dochter(s) meegegeven als bruidsschat.
akte IMG_1374.jpg

 

Op het einde van de 13e eeuw wordt " het huis van Mosenghem " verkocht aan de Commanderij Pitsemburg , een Duitse Ridderorde welke ontsproten is uit de Grimbergse/Mechelse geslachten en waarvan de heren van Meuzegem zelf deel uit maakten.

 

Kopie van IMG_8309.jpg

 

De  bonis maternis " le Fief/ Chateau de Meuseghem " , een enclave in Jette, hielden de Heren van Meuseghem lang in eigen bezit ; voldoende lang om hun familienaam aan het toponiem te geven.

Het domein keerde voor de 13e eeuw terug vanwaar het gekomen was : naar de Burggraven of Kasteleinen van Brussel.

 

Steppo I.jpg



Een tweede opvallend feit is dat de Heer van Wolvertem " Onulphus de Brucsella " geen persoonlijke goederen claimde in Meuzegem ; hij had enkel de jurisdictie , het recht om te oordelen.

Zelfs in het aanpalende blok "Hameyde " (lees Imde) behoorde de helft van de landerijen toe aan Pitsemburg (voorheen Meuzegem) en aan het Mechelse geslacht "de Crane ".


Bovendien was het altaar van Imde een afhankelijkheid van de kerk van Meuzegem en werd deze bediend door de Meuzegemse priesters.
Wanneer tijdens de 16e eeuw de rampaanbidding in 7 Maria-kerken  waaronder "het steenen beld van Mueseghem " , een stille dood sterft is er nog voldoende hegemonie aanwezig om de jaarlijkse feestdag van de pas opgerichte Wolvertemse Boskapel te vieren op het patronaat van Meuzegem , nl. 25 maart, Maria Boodschap.   Deze feiten doen het vermoeden rijzen dat de twee domeinen ooit 1 entiteit vormden.


Sanderus1726 (1).jpg

Ondanks twee verwoede pogingen (cc 1106- 1113) om het Grimbergse " Cella " in leven te houden , moet het toch zuur overkomen voor de "Principes de Grintbergh " wanneer het kerkelijk domein Mosenghem onder voogdij komt te staan van een abdij gesticht door de Brusselse kasteleinen.

 

 

Dat verklaart misschien de zeer uitzonderlijke en afwijkende rechtstoestand van de kerk : "....... praedictas ecclesias, ab omni exactione debitisque obsoniis liberas facio ...." (= volledig vrij van alle taxen) .
Bovendien kregen onze kerkdienaars het voorrecht de tienden zelf te beheren en moest de Abdij van Dilighem financieel instaan voor het Meuzegems "Curehuis ".


verberde stede 20.jpgOok het goederenbestand te Rossem is half om half ;
de Meuzegemse bossen lagen in het zuiden van Rossem, (= de Pauwhoeve) evenals de Meuzegemse Meers(en).   De laatste stukken Grimbergs erfgoed onder Rossem ( 14 bunders) werden in 1257 van de hand gedaan door kanunnik Arnoldus de Zellaer "Scholaster tot Machlina " een priester uit het Grimbergs/Mechels geslacht en aan de Abdij van Dilighem geschonken.

Nog een opvallend feit is dat onze seculiere priester in 1287 "..... Balduinus , Propheet de Mosenghem, presbyter ......" milde schenkingen doet aan het kapittel van Sint Rumoldus te Mechelen.


Wat blijft er nog over van de goederen van de Heer van Wolvertem ?
Wanneer beide abdijen , Dilighem en Grimbergen, besluiten om in °1140 afstand te doen van hun vrouwelijke medebewoners , bundelen de heren van Wolvertem en Grimbergen hun krachten en doneren ze gezamenlijk voor de oprichting van het vrouwenklooster te Nieuwenrode.  Meer dan 50 ha bos is afkomstig van het huis van Grimbergen en 60 hectaren van Ludovicus van Leefdael.


Kopie van land van grimbergen.jpg

 

 

Het blijft gissen , maar volgens mijn mening was Onulphus van Brussel gehuwd met Remudis , een telg uit het huis van Grimbergen en heeft Onulphus het domein van Wolvertem verkregen als bruidsschat.

Met deze stelling maakt Wolvertem eveneens deel uit van " het landt van Grimbergen "

 

  

 

We mogen terecht het geslacht Grimbergen aanduiden als eerste bestuurders van Meuzegem.

 

De Principes de Grintbergh.

220px-ParisBibNatMSLat17655GregToursInitialP.jpgVolgens het " Decem libri historiarum " van Gregorius van Tours (538-594) bestond het rijk van de Merovingers uit kleine koninkrijkjes of landen die bestuurd werden door een " Rex " (= koning).
De term "landt " , vaak omschreven als een afgebakende entiteit, vinden we zelfs tot in de late Middeleeuwen terug : Land van Bornem, Land van Asse, Land van Aalst, Land van Dendermonde , land van Gaasbeek ....... Land van Grimbergen.
Deze territoria hadden een beperkte autonomie en maakten deel uit van een groter geheel.
Het veranderde van bezitter, van naam , van grootte ...... werd heringedeeld , verwisseld , verkocht , weggeschonken, in leen gegeven of vererfd ........ naargelang de goedkeuring van de nieuwe eigenaar.
Ook de nomenclatuur van de territoria veranderde voortdurend ; koninkrijk, rijksleen , palts (= koninklijke woonplaats) , pagus , gouw , mark , landmark, graafschap, landgraafschap, markgraafschap , paltsgraafschap , hertogdom ........ etc.

 

 

In °843 (= verdrag Verdun) worden onze gebieden toegekend aan Keizer Chlotarius , welke rond °850 een nieuw gebied verovert en hier ook zijn naam aan geeft :"Lotharingen ".
°855 Chlotharius trekt zich terug in de abdij van Prum en stelt een erfverdrag op.
Zijn oudste zoon wordt Koning van Italie en mag zich keizer kronen. De jongste mag zich tevreden stellen met de Provence en Zuid-Bourgondie en de andere zoon Chlotarius II wordt koning van Lotharingen en Noord-Bourgondie.
In °869 wordt het koninkrijk Lotharingen overgenomen door zijn zoon Chlodovic , alias Germanicus , alias de Duitser. Deze erfenis is in Aspide in °870 vastgelegd (= verdrag van Meerssen) en daar werden de grenzen van Lotharingen heringedeeld.
Rond deze tijd , (°890-°911) maken de Principes (= leiders) de Grimbergh , Odelardus en Eligardus hun intrede als militaire machthebbers en beschermelingen onder de Witgher , Hertog van Lotharingen : " ...... Pater eiusdem Virginis, Odelardus nomine, militans sub Witgero Duce Lotharingorum ...... "

3-Santa Berlinda de Meerbeke,Virgen-3.jpg

Deze legeraanvoerders worden vermeld in de "vitae Berlendis " , een heiligenverhaal , chronologisch te plaatsen op het einde van de 9e eeuw , neergepend midden 11e eeuw .
De " principes " zijn militaire heren die de opdracht krijgen om de scheldegrenzen te vrijwaren van menige strooptochten van " Northmanni " (= Noormannen), zeevolkeren of " Wickingen " (wick = strijd / inga = volgeling) , waaronder de " Chunni " (= Hunnen).
Merk op dat de lager gelegen gebieden en rivierbeddingen in Vlaanderen nog niet ingepolderd en bedijkt waren ; dat maakt dat het huidige Oost-Vlaanderen vroeger bezaaid lag met kleine zandbergen, de donken.

 motte grimbergen villeret.JPG

 Odelhardus wordt in deze vitae vermeld als landgraaf , die samen met zijn zoon Eligardus, het bevel voerde op de burchten van " Ascum " (Asse) en " Humberch / Hunniberth / Heymbeca " (Grimbergen).
" ......fuit autem possessio illius Humberch et Ascum castella duo; quorum alterum, scilicet Ascum, ab Hunnis destructum ..... "


Bij de meeste vitae's zijn de verhalen sterk geromantiseerd , meestal verkeerd geïnterpreteerd en werd de inhoud als geloofsbrief gebruikt om goederen uit het verleden een herkomst te geven.
De attestaties in deze verhalen moeten dan wel als geloofwaardig beschouwd worden.
Zo zouden de aanvallers Hunnen zijn uit Oost-Europa en Vikingen zouden per boot de Schelde en de Zenne opvaren. Je kan wel met platte bodemboten tot in Vilvoorde roeien, maar het water loopt niet naar omhoog tot in Asse.
Integendeel , het waren strooptochten van kleine volkeren , waaronder de " Chunni " , die leefden op de nabije donken aan de andere kant van de Schelde.  Na de mislukte aanval op de "Sennecaberg " bij de "Senna " maakten zij gebruik van de 8000 jaar oude landweg Grimbergen-Asse om " Borgstad in Ascum " te plunderen.

23:37 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende