08-04-16

HET LEENHOF MUESEGHEM TE YETTE deel 4

Maria van de Voorde °? cc 1495 + weduwe Joannes VIII

Zij neemt in 1536 het leen over van haar overleden echtgenoot. "..... Marie vanden Voorde acht(er) g(e)laten Weduwe wylen Jans van cou(en)berge al(ia)s Rollibiuycx Is besittende een volle leen geheeten thoff te muyseghem gelegen Inde prochie van yette, gehouden te leen vanden borchgreve van bruessele ....."
Het leenhof is wat gekrompen tot 21 bunder, 17 ervan zijn " winnende land " , de rest zijn weiden, opslagplaatsen, stallingen, schuren en huizen.
De prijs is stevig , 28 gulden carolussen en 26 mudden koren.
Daarbovenop nog heel wat vergoedingen :
- 2 kapoenen en 2 ganzen + 2 carolus guldens voor de Kastelein van Brussel
- 12 carolus guldens voor de abdij van Dieleghem
- 12 carolus guldens voor Joannes le Begge, procureur van de Raad van Brabant
- 6 mudden koren aan Daneels te Brussel voor het onderricht "int gulden lam" ( de familie Daneels waren befaamde zadelmakers en waren al 2 eeuwen hofleveranciers)

 


Maxima de Rollibuck de Coudenberghe °? cc 1520 +08.09.1570 X Bartholomeus de Billehé

Zij is de nieuwe leenhouder. De Dochter van Joannes en Maria van den Voorde.
Dit gezin resideert niet in Jette , ze hebben hun domicilie in Brussel bij Joannes Jongelet, Heer van Marez en keizerlijke raadgever .

Waren er geldmoeilijkheden ?     Op korte termijn worden er delen van het leenhof in rente en erfrente doorverkocht.
Op 18.12.1548 verkoopt Aert van Heymbeke , een winkelier, een vol leen uit het leenhof aan Mattheus Bahuet.
Op 20 juni 1548 wordt een erfrente van 50 Carolus guldens verkocht aan Mattheus Bahuet , de " Pasteybacker " van het koninklijk hof. Diezelfde rente wordt op 27.06.1566 doorverkocht aan Meester Joannes van den Dycke, raadgever van de Koning , Meester van de Rekenkamer en Heer van Santvliet.
Uit een rolrekening van 1558 weten we dat Henricus de Kegele een vol leen bezat uit het leenhof.
Hij verkocht dit op het einde van hetzelfde jaar (28.12.1558) door aan pasteibakker Joannes Thielemans voor 32 rijnsgulden onder de vorm van een hypotheek die afliep op 09.10.1572.

 

Kopie van billehé.pngPhilippe Billehé °? cc 1545   Monnik van Sint Lambert in Luik
Carolus Billehé °? 1550 +10.03.1606 X Ludovica de Perez-Baron

Ridder en Baron van Vierset en Haut Avoué de Huy. Secretaris van de Keurvorst van Keulen. Raadgever van de Prins-bisschop van Luik, Ernest de Baviere.    Beschermer van componist Joannes de Castro.
Zeer gefortuneerd dank zij het huwelijk. Alle kinderen bekleden hoge functies (Heer van Vierset , Heer van Huy, Heer van Hardestein, Kamervoorzitter van de Keurvorst van Keulen , Prins van Luik ....enz)

Beiden zijn nu de nieuwe leenmannen in 1570.   Lang zal het niet duren.   Na afloop van de hypotheek dd 1572 verkoopt Philippe in eigen naam en in naam van zijn broer Carolus op 10.12.1573 het volle leen aan Josse Muyshont.

 

Judocus Muyshont °? cc 1540 +cc1612    X Margareta Herreng °?     XX Heilwige Berthyns °Leuven 13.04.1541 + 1617

Secretaris van de Raad van Brabant van 1602 tot 1608 en enige tijd schepen in Jette.   

Pas een jaar later, op 1.10.1574 , deed hij verhef van het leen voor de Kastelein van Brussel.
Tijdens deze troebele tijden , in 1587 , verwierf hij ook enkele rechten , waaronder het aanstellen van een eigen en beëdigde Sergeant (veldwachter/opzichter)
Bij zijn tweede huwelijk met Dame Berthijns , ontslaat Hertogin Isabella (10.12.1598) haar van verder verplichtingen tegenover de kinderen uit het eerste huwelijk van Judocus ; nl. Anna en Barbara Muyshont.

 

Anna Muyshont °? cc 1570 +1609 X Joannes de Walsche

Anna sterft op jonge leeftijd en haar echtgenoot , heer van Bodeghem huwt een tweede maal met Barbara van der Veken.
Bijde verdeling van de goederen in 18.09.1609 wordt het leen gemeenschappelijk bezit van de twee dochters van Anna Muyshont : Anna en Catharina de Walsche.

 

Anna de Walsche °? cc 1595     X Joannes Baptist Sterck °?
Catharina de Walsche °? cc1595     X Rumoldus van Uden °cc 1580 (fiscaal advocaat Raad van Brabant en advocaat op 03.07.1604 van Landvoogd Albrecht VII van Oostenrijk.

Anna was schenkster van verschillende bedragen aan de armentafel van Sint-Jacobus-op-de-Coudenberg, terwijl haar echtgenoot Sterck fungeerde als geheime spion en kapitein van een Duitse compagnie onder rechtstreekse bevel van de Koning. Volgens de " la diplomacia secreta " uit de "The Armada of Flanders Spanish Maritime Policy " was dit zijn oorlogsnaam.

Ook bij haar zus Catharina woog de rentelast zwaar door.       Haar echtgenoot , die een zeer bewogen loopbaan had , gaf een lijfrente uit van 100 gulden jaarlijks aan Forestier (woudmeester) van Brabant, Ferdinandus van der Linden, beginnende op 01.06.1612 en aflopend op 30.05.1617.  Nog een andere rente ter zijner gunste van 37 Rijnsgulden , uitgegeven op 15.05.1613.

De twee zussen komen overeen om het volledig leen te verkopen aan Mattheus van der Spict.

Met de onlusten in Brussel in °1619 (12 jarig bestand) zijn ze genoodzaakt partij te kiezen. De landvoogden Albrecht en Isabella zijn geen engeltjes zoals ze ons in de geschiedenisboekjes laten geloven. Er is wel degelijk een niet-populaire stroming binnen de bevolking.    Het gevolg laat zich raden.     Vele hoogwaardigheidsbekleders worden verbannen, de aanhangers volgen eenzelfde lot.
Zij trokken zich terug in Sint Truiden tot de echtgenotes hun rechten hadden ontvangen. Uden verkocht in 1626 te Jette zijn laatste bezitting "....hofstad de Rooden Leeuw...... "

 


Mattheus van der Spict °? cc1580 + na 1633      X Catharina Stampioen.
Notaris. Deurwaarder van zijne Majesteit , leenman van "de Rivieren" , deurwaarder in Jette en Ganshoren in 1612 , wethouder van de Stad Brussel . Was later in 1626 ook griffier van Drogenbos en van het cijnshof van Melsele in het Land van Waas.

Hij koopt op 15.04.1615 het leen Mueseghem van de zussen de Walsche.
Het kasteel wordt omschreven als " ...... een steenen huyse mette motte rontsomme int water gelegen beplant met doerne gescoren hage ende fruytboomen daerop staende metten dammen ende helft vander straeten te weder sijde groot Tsamen ses dachwanden 59 roeden, geheeten thoff te Mueseghem ...."

 

CH de Meuseghem b.JPG

Voor dit leen moet hij aan de Kasteleinen van Brussel jaarlijks 10 rijnsgulden betalen.
Het leen heeft ook 5 achterlenen :
- " .... eenen beempt gelegen aen de dammen ..." 1 bunder en 6 roeden
- een boomgaard van 1 dagwant en 15 roeden met daarachter een complex van stallen " ...... aen het straetken gaende van brussel naer Wemmel ...." , inbegrepen de aanpalende dreef
- een weide van 6 dagwant en 92 roeden tegen de Molenweg
- nog een andere weide palende aan de vorige weide
- twee stukken land in de directe omgeving

Op 07.01.1617 doet hij afstand van het leen Mueseghem ten gunste van Godevaert Vloets.
Een maand later verkoopt hij nog een weide gelegen aan de herberg "de Langen Vondel " aan Dierick Struelens , brouwer te Koekelberg.
Enkele maanden later op 30.05.1617 koopt Van der Spict van Woudmeester Van der Linden , de lijfrente die nog rustte op advocaat van Uden. 

11:46 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)

01-04-16

HET LEENHOF MUESEGHEM TE YETTE deel 3

" Le fief de Meuseghem a Jette, un etat dans l'Etat " (RvdH)


Het leenhof Mueseghem in Jette was een bolwerk met een eigen rechtsgebied.
Zoals elk leenhof had Meuseghem een schepenbank , bestaande uit een Meier (beheerder) soms een Drossaert (rechter) die optrad als Griffier (notaris) , bijgestaan door leenmannen of erflaten die fungeerden als schepenen en getuigen. In de beroerde tijden van 1587 had de Heer van Meuseghem zelfs het recht om een eigen Sergeant (lees Veldwachter) aan te stellen om de goederen te bewaken.
Het leenhof viel onder de jurisdictie (rechtsgebied) van de heren en Graven of Burggraven , Kasteleinen van Brussel en ontsnapte zo aan het toezicht van de Hertogen van Brabant.
Het leenhof had een oude domeinindeling. Dat vernemen we uit latere akten ; het was 2 mansi groot, zo'n 24 bunders. Het leenhof bestond uit leengoederen (landbouwgronden) en laathoven ( boerderijen, huizen en stallen ) en achterlenen.

 

1-1-1.jpg

 

 

 

Robert Van den Houte schrijft :

......... dat het Laathof de taak had om de Steenweg naar Dielegem te bewaken.

De steenweg startte in Wemmel en liep ten einde aan de Vlaamse Poort, gelegen aan de stadsmuur van Brussel.

........ het laathof was gevestigd aan een doorwaadbare plaats aan de Molenbeek.

 

 

 

 

  

 

 


Kopie van Kopie van CH de Meuseghem  1651.jpg

 

 

 

 

 

 

 

....... op een oude gravure d.d. 1651 van Wenzel Hollar, is nog duidelijk de vestingstoren te bemerken.

 

 

 

 

 

 

 

 

Kapel + kasteel.jpg

  ....... dat de castrale kapel St Anna , die op het domein stond , had moeten uitgroeien tot een volwaardige kerk , de voorloper van de Sint Pieterskerk.

 

  
De eigenaars , de leenmannen en de pachters van het leenhof.

Het huis van Meuseghem.
We hebben alle mogelijke erfopvolgingen van het geslacht van Wolverthem - van Sotteghem - van Jette en - van der AA getraceerd en we komen nooit in Jette terecht.
De meest logische verklaring is het dit domein eveneens voor 1300 verkocht werd door het geslacht " van Meuseghem ".
Deze hebben heel lang het domein in hun bezit gehad , voldoende lang om hun geslachtsnaam aan het domein te verbinden.

 


De Kasteleinen van Brussel.
Zij beheren het domein.       Zij zijn de eerste leenmannen.
Vermits het " leenhof Mueseghem " later geïntegreerd werd in het leenhof " de Rivieren " kwamen alle documenten terecht bij de familie de Villegas.       Deze deponeerde onlangs haar archief aan het Algemeen Rijksarchief.
Tot zolang dit archief niet geïnventariseerd is verkrijgen wij geen toegang tot de documenten.
We spreken enkele andere bronnen aan .

 

Joannes IV de Rollibuc van Coudenbergh °cc1370 +cc 1439        X Lelia van der Noot

Kopie van Franciscus R x coudenberg.jpg

Zoon van Joannes III de Rollibuc en Helwiche van Bellegem.coudebergh.JPG

Verbonden met het geslacht " Coudenbergh " via overgrootvader Franciscus Rollibuc die gehuwd was met een vrouwelijke telg van "de Coudenbergh " , een der 7 nobele families die gelinkt worden aan het ontstaan van de stad Brussel.

Jean IV was schepen in Brussel in 1406, 1413 en 1424.
Hij was " Octovir " (achtman /toezichter) en zijn vader " Deken " in de ".....Dekens en Achten van de Laeken Gilde der Stadt Brussele anno 1396...."


Armes_de_la_Maison_van_der_Noot.svg.png

 

Zijn echtgenote , Lelia van der Noot , of althans het Brabants geslacht " van der Noot " had grote eigendommen in Jette en donateerde meermaals goederen aan de abdij van Dieleghem en het broederschap Sint Eligius in Brussel.

 

Vandaar het vermoeden dat het geslacht " van der Noot " de schakel vormt tussen het Huis van Meuzegem en de Casteleinen van Brussel.

 

  

 

coudenberg.gif

Joannes V de Rollibuc van Coudenbergh °? cc1395 +cc 1444     X Catharina de Staeckenbergh


In 1439 doet Jean V , zoon van Jean IV , het leenverhef op het Leenhof Meuseghem.

 

 

 

 

Joannes VI de Rollibuc de Coudenberg °? 1420 +cc1474        X Margareta van Heffen.

Hij verheft het leen van zijn vader in 1444 en zal dat beheren tot 1474, aldus volgens de telling van de leengoederen van de Kasteleinen van Brussel.
Joannes de Rollibuc houdt het gehele leen "........Thoff geheten te Muesegem met syn toebehoorten van huysingen Schueren Stallen Bogaerden Winnende Land Beempde bosschen hoffsteden ende Wateren ....."
In totaal 24 bunders te Jette, getaxeerd op 6 mudde rogge jaarlijks.

Het goed is ook bezwaard met 6 mudde rogge ten gunste van Willem van Mons.
Uit latere akten vernemen we dat de Kasteleinen soms een willekeur van bijkomende lasten oplegden aan de leenmannen. Hier is het ten voordeel van Willem van Mons , heer van Chastre , wiens vader en verre voorvaderen schepenen werden van Brussel (van °1306 tot °1450)

 

Joannes VII de Rollibuyck de Coudenberg °? cc 1450 +cc1516       X Ludovica Salaert alias Donckers

Naar alle waarschijnlijkheid verhief hij het leen van zijn vader in 1474.
Hij wordt in een akte van 28.01.1493 uit het Kapittel van Sint Elooi " .....Heer van Museghem te Jette ...." genoemd.

Hij wordt ook nog genoemd in een opsomming van goederen in 1495.
Het leenhof is uitgebreid naar 28 bunders maar de jaarlijkse vergoedingen blijven dezelfde

 

Joannes VIII de Rollibuyck de Coudenberg °? cc 1498 +cc1535       X Maria van de Voorde .

In 1516 is Joannes minderjarig als hij leenverhef doet voor de Kasteleinen van Brussel.

17:52 Gepost door email : willempy@skynet.be | Permalink | Commentaren (0)